Financieel Jaarverslag
De overheid maakt, net als ieder groot bedrijf, na afloop van een jaar een jaarverslag. Het Financieel Jaarverslag van het Rijk (FJR) laat de resultaten van het begrotingsjaar zien. De jaarverslagen van alle departementen samen vormen het rijksjaarverslag. Het FJR is een toelichting op dat rijksjaarverslag, net zoals de Miljoenennota een toelichting is op de rijksbegroting.
Het FJR blikt terug op het gevoerde begrotingsbeleid van het kabinet en gaat onder andere in op meevallende of tegenvallende ontwikkelingen in de uitgaven en inkomsten van het Rijk. Het verslag geeft ook aan of de boeken met een positief of negatief saldo gesloten worden en of dat afwijkt van de verwachtingen die men hierover had in de de Startnota van het kabinet Rutte-Verhagen anderhalf jaar daarvoor. Met andere woorden, in het jaarverslag geeft het kabinet dus aan of het in het afgelopen jaar bereikt heeft wat het wilde bereiken, of het daarvoor heeft gedaan wat het zou doen en of het ook gekost heeft wat het kabinet daarvoor had gepland.
De minister van Financiën biedt op Verantwoordingsdag namens het kabinet het FJR en de departementale jaarverslagen aan de Tweede Kamer aan.
Hoe ziet de opzet van de jaarverslagen eruit?
De begrotingen en de jaarverslagen van de departementen zijn volgens dezelfde opzet opgesteld. Hierdoor is het makkelijker het beleid van het kabinet te beoordelen. De relatie tussen beleid, prestaties en geld staat zowel in de begroting als in het jaarverslag van een departement centraal.
Een departementale begroting geeft antwoord op de vragen:
• wat willen we bereiken?
• wat gaan we daarvoor doen?
• wat gaat dat kosten?
Een departementaal jaarverslag geeft antwoord op de vragen:
• hebben we bereikt wat we voor ogen hadden?
• hebben we gedaan wat we daarvoor zouden doen?
• heeft het gekost wat we dachten dat het zou kosten?

